16 augustus 2003
Haghorst
spektakel
Na
gelukkig niet al te lang wachten na Veghel, konden we de jongens weer in hun
volle glorie aanschouwen in het plaatsje Haghorst bij Hilvarenbeek. Wij hadden
met Jos Boekhout afgesproken dat we rond een uur of tien in het hotel aanwezig
zouden zijn, zodat we met de band mee naar de locatie konden en zo meteen van
parkeer- en backstagepasjesproblemen verlost waren. Bertrand Verhelst, de
organisator gaf hier zijn volledige medewerking aan. Er zouden zelfs een aantal
sterke kerels klaar staan om mij met rolstoel en al het podium op te hijsen,
zodat ik de best mogelijke plek had. In alle commotie van de avond zijn we
Bertrand helemaal misgelopen, maar bij deze willen we hem toch alsnog hartelijk
danken voor zijn vriendelijkheid.
In
het hotel aangekomen liepen we meteen Desiree (de chauffeur) tegen het lijf. Zij
stond op het op het punt om naar de locatie te rijden om het een en ander voor
te bereiden en we spraken af dat wij en de band elkaar rond kwart voor elf in de
lobby zouden treffen om gezamenlijk naar de locatie te gaan. Een hapje en een
drankje later kwam John naar beneden, die blij verrast was ons daar aan te
treffen. Hij begroette iedereen en kwam toen naast mij zitten om even rustig te
kunnen praten. Op de een op andere manier voelde hij aan dat het met mij
slechter ging dan de vorige keer en voor ik er zelf erg in had, gooide ik het
hele verhaal eruit, terwijl ik niet de gewoonte heb om tegen Jan en Alleman over
mijn conditie te praten. John luisterde en stelde een paar zeer gerichte vragen.
Inmiddels had de rest van de band ook zijn opwachting in de bar gemaakt, maar
dat ging allemaal een beetje langs mij heen omdat ik zo diep met John in gesprek
was. We werden onderbroken omdat het echt tijd was om te vertrekken en John zei,
“we spreken elkaar zo nog verder”. Wij reden met onze auto achter de bus
aan, die stopte bij het eerste het beste benzinestation. Niet om te tanken, maar
Mick wilde een kleine snack kopen voor na de show. Met zijn armen volgeladen
kwam hij naar buiten. Hij had genoeg ingeslagen om een klein leger van te
voeden! Binnen tien minuten hadden we de locatie bereikt. Het bleek een
feesttent met als kleedkamer een portacabin te zijn, maar dat hadden we al
verwacht. Vanuit de tent klonk een enorm kabaal, de stemming zat er dus al
aardig in. Het terreintje tussen de tent en de kleedkamer leek voor mij met mijn
rolstoel wel een soort stormbaan (grote en kleine hobbels en pollen gras), maar
gelukkig werd ik al na een minuut of vijf door John naar binnen geroepen. Hij
had inmiddels een heleboel informatie voor mij op papier gezet en gaf me een
aantal leefregels waarnaar ik langzaamaan zou moeten proberen toe te groeien.
Verder had hij een zeer inspirerende verklaring voor mijn ziekte, die me
ongetwijfeld zal helpen om het allemaal beter te verdragen. Hij drukte me op het
hart hem vooral op de hoogte te houden en beloofde thuis meteen op zoek te gaan
naar wat lees- en luistermateriaal voor me. Dat hij voor dit alles zo uitgebreid
de tijd nam vlak voor hij een enorme inspanning op het podium moest leveren,
vond en vind ik op zijn zachtst gezegd bewonderenswaardig. Het bewijst maar weer
wat een bijzonder mens hij is! Inmiddels had Alan Rob voor de gek staan houden
door met een stalen gezicht te verklaren dat hij de video die we ze de laatste
keer hadden gegeven niet had bekeken. Later gaf hij lachend toe dat hij hem
natuurlijk helemaal gezien had en ook nog in een deuk had gelegen om een paar
grappen die we erin hadden verwerkt. De andere bandleden vielen hem onmiddellijk
bij dat ze er ook van hadden genoten. Mick, die alvast aan zijn ‘kleine’
snack was begonnen, kwam op zijn knieën voor me zitten om me eens lekker te
knuffelen en ook Alan en Mark wilden nog even zoenen voor we de kleedkamer
uitgebonjourd werden zodat ze zich konden gaan omkleden.
Toen
Mark in zijn stage kloffie naar buiten kwam hebben we hem er even op attent
gemaakt, dat ze er deze keer echt NIET uitzagen. Zwarte broek, wit jasje afgezet
met rood satijn en daaronder het nieuwe T-shirt. Hij was het wel met ons eens
dat het potje was, maar alle andere stage kleding lag bij de stomerij. Hij zei
dat als ik het podium op wilde ik nu moest gaan, want ze zouden elk moment
beginnen. Met vereende kracht werd ik met stoel en al een lastig trapje
opgehesen. De rest was een eitje omdat er een helling was gemaakt waar ik met
een noodvaart op kon racen. Even voelde ik me wat ongemakkelijk omdat ik midden
in een spotlight zat en dus min of meer deel uitmaakte van de show. En ik zat
daar natuurlijk ook nog als eerste. Gelukkig kwam de band al snel op en viel ik
helemaal niet meer op. Ik kon dus naar hartelust meezingen, geen hond die nog
oog voor mij had, behalve Mick, die gedurende de hele show geintjes met me liep
te maken. Ook Alan kwam een keer met een gemene grijns op me afgehuppeld, maar
hij liet het bij een paar rare smoelen en ging toen weer terug naar zijn plek.
De hits en de soulmedley gingen er weer in als koek bij het publiek. Er werd
gehost en meegeblérd. Helaas ging het bij After the Goldrush weer mis.
Dit publiek had zich al een hele avond vol laten lopen en wilde uit zijn bol en
dat gaat nu eenmaal niet op een zo gevoelig nummer. Ik sloot me voor alle herrie
af en heb met tranen in mijn ogen geluisterd naar de prachtige uitvoering die ze
van dit nummer geven. De drumact die volgde was natuurlijk spekkie voor ieders
bekkie. Ik had wel te doen met Mark. Zijn drum verschoof steeds en wat hij ook
probeerde, dat ding bleef over het podium glijden. Het mooiste was de blik in de
ogen van John. Deze act is natuurlijk zijn kindje en hij geniet er ook duidelijk
met volle teugen van. Nou, wij ook, van ons hadden ze nog een uur zo door mogen
gaan. Toen de drumact voorbij was wilde Alan zijn jasje weer aantrekken, maar
hij pakte per ongeluk die van Mick. Daar stond hij, met mouwen die tot op zijn
knieën hingen! Grote hilariteit bij de band, ze hadden het deze avond duidelijk
erg naar hun zin. Na Jukebox Jive verdwenen ze om als encore natuurlijk Sugar
Baby Love te spelen. Zo hadden we natuurlijk wel de Sha Na Na Song
gemist! Later legde Alan uit dat John het niet meer trok. Het was ook aan hem te
zien, tijdens het spelen zag ik soms letterlijk de stoom van zijn rug af komen.
Bij het verlaten van het podium kreeg ik een ‘heerlijke’ zweterige zoen van
Mick. Wij lieten de band even met rust in de kleedkamer om op adem te komen en
zich om te kleden. Zo hadden we mooi de gelegenheid om met een aantal van jullie
een babbeltje te maken. Wij vinden het heel leuk dat er al iets van een
groepsgevoel onder jullie begint te groeien. Ook bleek dat onze website zeer
goed bezocht wordt, door sommigen zelfs dagelijks. Mark en Mick kwamen na een
poosje naar buiten om foto’s en handtekeningen uit te delen. Mark vroeg of wij
deze foto al hadden, dat bleek niet het geval. “Zal ik mijn handtekening erop
zetten?” Vroeg hij, waarop Lucienne antwoordde: “Nee dank je, ik heb hem
liever zonder al dat geklieder erop.” De uitdrukking op zijn gezicht sprak
boekdelen. Natuurlijk zijn wij al rijkelijk voorzien van handtekeningen, maar
een fan die geen handtekening wil is in hun ogen natuurlijk toch een rariteit.
Toen de jongens weer naar binnen gingen werden wij mee uitgenodigd om nog wat te
drinken. John lag letterlijk helemaal voor pampus. Hij had zich in een dikke
warme trui gerold en lag op de grond te dommelen. Hij was alleen bereid overeind
te komen om een groepsfoto met ons erbij te maken, maar daarna kroop hij weer
lekker in zijn hoekje. Met Alan hebben we het over de setlist gehad, dat het
toch zo jammer is dat men op dit soort locaties geen oor heeft voor gevoelige
nummers als After the Goldrush. Hij was het roerend met ons eens en werkt
aan plannen voor een theatertour waar dit soort nummers beter tot zijn recht
komt. Met Mick doken we een beetje zijn verleden in. In een vroeg stadium
speelde hij in the Tremeloes. Toen ze een keer zaten te brainstormen over een
nieuwe single stelde hij voor om Silence is Golden op te nemen. Echter,
tegen de tijd dat ze dat eindelijk op de plaat gingen zetten had Mick de band
net verlaten. “Vond je dat niet ontzettend frustrerend?” Vroeg ik, waarop
Mick op zijn eigen filosofische manier antwoordde met:”That’s life, my
gal”. Mark zag er na zijn vakantie in Griekenland akelig bleekjes uit vond ik.
Hij legde uit dat hij erg snel verbrandt en zich dus de hele vakantie met factor
39 had ingesmeerd. Op een dag was hij een klein plekje op zijn buik vergeten en
hij beweert bij hoog en bij laag dat dit plekje nu, twee maanden later nog zeer
doet. Kleinzielig? Ik zeg niks! Na nog een half uurtje kletsen en gekheid maken,
begon iedereen wat witjes weg te trekken en naar onze warme bedjes te verlangen.
Wij hadden nog een rit van anderhalf uur voor de boeg. Er werd nog even
uitgebreid met knuffels en kussen afscheid genomen en toen vertrokken wij
richting huis en de jongens naar hun hotel. Op weg in de auto hebben we
natuurlijk nog wat na zitten praten en waren het er alle vier over eens dat het
een stel geweldig aardige gasten is en dat we ons eigenlijk bevoorrecht voelen
dat we dit voor ze mogen doen. Nu maar weer wachten tot 18 oktober!
Nannette